Zomer. Zon en aangename temperaturen. Ramen en deuren staan open. Met drie terrassen links, drie terrassen rechts en de boombank vanaf mijn balkon binnen mijn gezichtsveld is het alleen stil in de ochtenduren. Naarmate de dag vordert wordt het drukker. Het geroezemoes groeit. Mensen voeren een gesprek, er wordt gelachen, stoelen worden verschoven, glazen tinkelen. 

Het hoor allemaal bij de stad, bij de Wallen en ik prijs me gelukkig dat hier geen auto's komen. Herrie van dit vervoermiddel is hier een vrijwel onbekend fenomeen. Alleen tussen zeven en twaalf uur 's morgens kun je hier gemotoriseerd komen. Het verkeer blijft dan over het algemeen vooral beperkt tot wat toeleveranciers en een enkel onderhoudsautootje. Na twaalf uur gaan de vezips omhoog. Vezips? Verzinkbare palen die pas weer de volgende morgen om zeven uur in het plaveisel verdwijnen om de auto opnieuw voor de duur van vijf uur toegang te verschaffen tot dit gebied.