Stenen tegen je raam en lieden die je huis binnen dringen. Het lijkt steeds gekker te worden op de Wallen.

Het gebeurde zaterdagmiddag. Gewoon overdag. Onder het raam van de eerzame bewoner (bekend bij ondergetekende) van de Oudezijds Achterburgwal stond een groepje Franse jongeren. De hasjlucht, toch al rijkelijk aanwezig hier, walmde langs het raam. Ze waren stoned en maakten een hoop herrie. Kortom, het gebruikelijke werk op de Wallen.

De bewoner richtte zich tot hen – nota bene in het Frans – met het verzoek om het wat rustiger aan te doen of naar elders te vertrekken. Dat deden ze niet. Tot drie keer toe weigerden ze gehoor te geven aan het verzoek onder de uitroep ‘C’est la rue’, wat in dit geval zoiets betekent als: we zijn hier op de openbare weg, dus bewoner krijg jij maar het heen en weer, we blijven hier gewoon staan.

Dat werd de bewoner toch wat al te gortig. Hij pakte een naar eigen zeggen ‘kleine maatbeker’, vulde die met water en kieperde die uit over de hardleerse gasten. Toen was de beer los. Het regende stenen tegen zijn raam. En dat niet alleen, ze slaagden er in de hal binnen te dringen die met meerdere bewoners wordt gedeeld en stormden de trap op. Net op tijd kon de bewoner de deur in het slot gooien. Een woeste meute bonkte op de binnendeur.

Verrotting

De politie, het moet gezegd, was snel ter plekke. Het duurde zo’n drie minuten voor de hal vol stond met agenten. Alle negen jongeren moesten hun paspoort afgeven. Hun paspoortnummer werd genoteerd. ‘Gaat er nu iets gebeuren’, vroeg de bewoner aan de agenten. Maar nee, even later liepen ze weer gewoon op straat. Natuurlijk had hij niet met water moeten gooien, maar de agenten begrepen de actie godzijdank wel.

De bewoner: ‘Ik trek het niet meer. Net ook weer voor rotte vis uitgemaakt door een gids die allemaal onzin stond te verkopen. In deze buurt zouden alleen maar buitenlandse toeristen wonen. Ondertussen op straat het bekende tafereel: groepen met blowende, drinkende en schreeuwende mensen op zondagavond. Ik geef het op en wil liever gisteren dan vandaag verhuizen. Het is complete waanzin.’

Aan de telefoon vraagt hij zich vertwijfeld af: ‘De gemeente heeft toch de plicht de leefbaarheid van de stad te bewaren? Dat behoort tot de kerntaken van de overheid. Die taak wordt hier schromelijk verwaarloosd.’

Wie mocht denken dat dit soort gebeurtenissen “incidenten” zijn, maakt een grote vergissing. Het is een structureel en regelmatig patroon waar iedereen die op de Wallen woont met regelmaat mee wordt geconfronteerd. En dan hebben we het nog niet eens gehad over alle andere narigheid waar deze buurt zo rijk aan is. Van het je van de sokken rijden in een wandelgebied tot de doorgang in de steeg blokkeren als je er met een zware tas met boodschappen doorheen moet. Van pissen tegen je deur tot rücksichtslos afval op straat pletteren. Om eens wat te noemen.

Hoe lang moet dit nog doorgaan voordat de verrotting van de buurt echt wordt aangepakt?

Willem Oosterbeek, Wallenbewoner, doet in vijfhonderd woorden regelmatig verslag van het dagelijks leven vanuit de beroemdste buurt van Nederland.

Waardeer dit artikel!

Dit artikel las je gratis. Vond je het de moeite waard? Dan kun je jouw waardering laten zien door een kleine bijdrage te doen.

Mijn gekozen waardering € -