Wie tegenwoordig door de Warmoesstraat loopt wordt overspoeld door vooral jeugdige toeristen en de daarbij behorende toeristenindustrie. Dat betekent veel lawaaierige tenten, flauwekulwinkels, pizza-uitstallingen, coffeeshops en goedkope restaurants.

Onvoorstelbaar nu, maar in de Gouden Eeuw was de Warmoesstraat de hoofdstraat van Amsterdam. Het was er net zo druk als tegenwoordig, alleen liep er wat ander volk rond. Er woonden namelijk rijke kooplieden, bierbrouwers, tinnengieters, hoedenmakers, zeepzieders, goudsmeden en boekdrukkers om eens wat te noemen. Aan de kant van het Damrak meerden de schepen af die hun ladingen losten in de pakhuizen die aan de Warmoesstraat lagen vanwaar de handelswaar weer verder werd getransporteerd. Alleen het eerste stukje van deze straat heet geen Warmoesstraat maar St. Olofspoort, genoemd naar de middeleeuwse stadspoort die hier ooit was. In 1480 kreeg de stad namelijk een stenen muur.