Na ruim vier weken afwezigheid is de Uitkijkpost weer bemand. Het is altijd aardig om in zo’n geval na te gaan wat er allemaal is veranderd in de tussentijd.

Het eerste dat me opviel toen ik na een maandje afwezigheid het Centraal Station achter me liet, was dat de klok van de Oude Kerk stilstond. Altijd kijk ik naar de kerktoren als ik eenmaal op het Damrak loop. Zeven minuten voor half zes gaf de klok aan en dat was het beslist niet.

Nog dagenlang heb ik naar een stilstaande klok gekeken – het automatisme is moeilijk weg te poetsen. Dat was lastig want in de huiskamer heb ik geen klok; ik hoef slechts omhoog te kijken. Nu tastte ik iedere keer mis. Gelukkig is het euvel hersteld en kan ik, zittend op de bank, weer zien hoe laat het is.

Geen erg groot leed natuurlijk. Maar dat geldt voor vrijwel alles wat met het plein te maken heeft. Toch is het opvallend dat de lantaarnpalen die sneuvelden in november vorige jaar, na mijn terugkeer nog altijd onthoofd op het plein staan. Met andere woorden: de hele donkere winter, vier maanden lang al, ontbreken twee lichtbronnen op het plein. Wrang om dan te lezen dat de gemeente belooft kapotte straatverlichting binnen vijf dagen te repareren. Zo kweek je vanzelf burgers die geen enkel vertrouwen meer hebben in de politiek.

Storm

Ach, en voor de rest was er niet veel veranderd. Zoals gebruikelijk stond er ook nu weer vuilnis op straat net nadat de vuilniswagen was geweest. Ga nou eens spitten in die troep handhavers! Zoek adressen op en geef de lui die illegaal vuilnis op straat zetten – bij voorkeur ‘s nachts – eens een flinke douw!

Ook de boombank werd weer bemand door de gebruikelijke verwarde medemensen: schreeuwers met en zonder zenuwtrekken. En natuurlijk was de mannenvangster weer van de partij.

Toeristengroepen hobbelden af en aan, Engelse brallers zongen hun valse lied en brave burgers vergaapten zich aan de hoerenramen. De filmploeg ontbrak evenmin en de buurman van de overkant werd nog altijd boos als er weer eens een groepje te dicht bij zijn raam stond.

Maar toch was er ook iets definitief veranderd. Tijdens de zomerstorm van juli was de oude boom die voor het raam van de boze buurman stond geknapt en deels op het dak van de Oude Kerk gevallen. De brandweer had de boom tot aan de stam toe afgezaagd. In de nazomer waren er nieuwe scheuten verschenen en op het laatst leek er een heuse struik op het plein te staan.

Toen ik vertrok was die struik er nog. Kaal nu. Lelijk ook. Een gure wind woei over het plein en van de lente was nog weinig te merken.

Maar kijk, wat stond daar nu opeens fier en rechtop? Een nieuwe boom. Jong leven op het plein. En ja, werkelijk waar, ook de knoppen in de andere bomen kleurden al rood en de buurman had verse plantjes op zijn balkon gezet. Zou het dan ook dit jaar toch weer lente worden?